Uit de Klink van 1987 – Het schip van Zandvoort

Bij paal 68 500 ligt een houten scheepswrak waarvan de resten een aantal jaren geleden nog boven het zand uitstaken.Het was niet bekend wat voor schip zich hier onder het Zandvoortse strand bevond, totdat in april 1985 door een groep duikers uit Amsterdam onder leiding van scheepsarcheoloog G.J. van Gortel een deel van het wrak werd blootgelegd.

Aanvankelijk dacht men dat het schip horizontaal lag en nam maatregelen om het, na de blootlegging, te lichten. Door de feitelijke ligging van het wrak bleek dit echter niet uitvoerbaar. Het schip was niet alleen langer dan was voorzien, niet 17 maar 22 meter, maar lag ook met een dwarshelling van 65 graden in het zand begraven. De ontgraving, die tijdens laagwatertij moest plaatsvinden, leverde wel veel informatie op. We laten de heer van Gortel aan het woord in het personeelsblad van J.G. Nelis, één van de bedrijven die aan de ontgraving meewerkten.

Het schip bleek langer
"Toen op 5 april het zand redelijk was verwijderd van de scheepsresten stonden we paf. De uit het zand stekende stukken hout waren duidelijk van een schip, maar het was wel van een vreemde doorsnijdingsfiguur. Het schip bleek langer dan verwacht: namelijk minstens 22,5 meter. De breedte kennen we nog niet. De holte is waarschijnlijk minder dan 3 meter. Het bleek dat de hoek waaronder de balken van het dek in het zand verdwenen ongeveer 65 graden was. Het schip staat dus op zijn stuurboordzijde.

Monster naar de Rijksuniversiteit van Groningen
Scheepshistorisch is dit leuk. Schepen zijn gewoonlijk nogal symmetrisch gebouwd en vele wrakken liggen rechtop. Opbouw en dek zijn dan vaak over de gehele scheepsbreedte beschadigd of verdwenen. Om tot een zo goed mogelijke bepaling van de leeftijd van het scheepswrak te komen, werd een monster naar de Rijksuniversiteit van Groningen gezonden voor een actieve koolstof analyse (C 14). De uitslag was, volgens de heer van Gortel, voor een leek uiterst merkwaardig. De boom waaruit het hout van het schip was gehaald, bleek gekapt te zijn of tussen 1690 en 1720, of tussen 1818 en 1920!

Super-Pink van Zandvoort
Volgens de heer van Gortel zijn uit deze twee periodes de namen van tientallen in Zandvoort verongelukte schepen bekend. Toch heeft hij nog zijn twijfels over dit wrak: "Het wrak heeft veel weg van een erg grote pink, maar dan is het er een met een gesloten dek, of van een soort voorloper van de bom, maar die heeft een duidelijk andere lengte-breedte verhouding. Mogelijk zou het dus nog steeds een schip van het einde van de zeventiende eeuw kunnen zijn. Er worden in de literatuur "gedekte pinken" in die tijd genoemd, maar een afbeelding ervan ken ik nog steeds niet. Jaren geleden noemde ik ons schip dan ook al wat onserieus: Super-Pink van Zandvoort.

Dikke laag zwarte grond
Naast de door de heer van Gortel genoemde C-14 analyse is op het monster hout een jaarringonderzoek gedaan waaruit echter geen duidelijke aanwijzingen betreffende de ouderdom zijn verkregen. Nieuwe monsters zijn noodzakelijk om de ouderdom definitief te bepalen. Als medewerker van J.G. Nelis was ik bij het graafwerk aanwezig en viel het mij op dat midden in het wrak (zie foto) een ca. 30 cm. dikke laag zwarte grond aanwezig was. De eerste indruk was dat het zand kolen-as bevatte, dus een kolenschip, en min of meer beroepshalve heb ik een monster uit de laag genomen. De heer de Jong van de Rijksgeologische Dienst te Haarlem heeft het monster onderzocht en rapporteerde dat het een donkergekleurde, deels zandige, klei betreft waarvan Pollenanalytisch (= stuifmeel) onderzoek alleen een uiterst voorzichtige aanwijzing geeft dat de klei voor de aanplant van Pinus (= den) in de duinen is afgezet.

Na 1908
In februari 1987 heeft de RGD het kleimonster verder onderzocht op het voorkomen van diatomeeën. Dus een onderzoek naar fossiele algensoorten. Hierbij werd bepaald dat zich in de klei algensoorten bevinden, welke voor 1908 niet in de Noordzee voorkwamen. Hiermede zou zijn vastgesteld dat de kleilaag in het wrak na 1908 zou zijn afgezet, immers de klei bevindt zich alleen binnen het wrak. Wij hebben nu een nieuw mysterie bij dit eigenzinnige wrak. Klei zet zich alleen in bijna stil staand water af en zeker niet in het brandingsgebied waar het schip nu ligt.

Wanneer is het scheepswrak voor het eerst waargenomen?
De onderzoekers van de Geologische Dienst willen graag meer weten over het tijdstip van ontstaan van de kleilaag, omdat het hen helpt inzicht te verkrijgen in het achteruitgaan van de kustlijn. Bij het achteruitgaan van de kust worden dergelijke kleilagen weggespoeld, in het wrak is de klei bewaard gebleven. Het schip van Zandvoort heeft dus niet alleen waarde voor de archeoloog, maar bewaard onder het dek een deel van de geschiedenis van het oude strand. Daarom willen wij weten maar het wrak vroeger lag en of het zo ver van de branding heeft gelegen dat de kleilaag zich kon afzetten. Het is van belang te weten wanneer het scheepswrak voor het eerst is waargenomen en of er toen nog meer wrakdelen zichtbaar waren.

E. A. van den Heuvel, Haarlem