Uit de Klink van 1993 – Evacuatie uit Zandvoort.

Het was 30 december 1942. Ik logeerde sinds de vorige avond bij mijn beste vriendin om Oudejaar bij haar te vieren. Om 8 uur 's morgens werd er op de deur geklopt en kwam iemand zeggen: "Je moet direct naar huis, want om 10 uur gaat de evacuatietrein naar Winschoten." Ik had mij zo verheugd op de oudejaarsviering met oliebollen en het gezellig bij elkaar zijn. Het idee, om mijn dierbare Zandvoort te moeten verlaten! Men zegt: 'Partir c'est mourir un peu' voor mij was het meer beaucoup! Om 10 uur 'bepakt en bezakt' in de trein, die pas om 11 uur vertrok. Ouderwetse coupeetjes, smal en met houten banken. Mijn vader en ik, een mevrouw met 2 jongens en een grote boxerhond. Ieder een koffer en wat beddengoed en een kussen voor de hond. Deze laatste was op van de zenuwen. Hij had nog nooit in de trein of enig ander vervoermiddel gezeten. Ik huilde toen wij vertrokken. Het was erg koud, het vroor en er was geen verwarming in de coupé. De trein reed langzaam, stopte hier en daar als er luchtalarm was en zelfs drie keer op de Drentse hei, die wit besneeuwd of bevroren was. Aan één kant een geluk dat de trein stopte, want de hond had, waarschijnlijk door de opwinding 3 x een grote hoop gedraaid. Op de Drentse hei konden we met een oude krant de geurige massa naar buiten gooien en het portier even open laten staan om bij te komen. Helemaal verkleumt, hongerig en moe, kwamen wij 's nachts om 12 uur in Winschoten aan. Daar stonden bussen op ons te wachten om ons naar Oude-Pekela te brengen waar we omstreeks half één 's nachts aankwamen en even in een restaurant werden opgevangen, met erwtensoep en brood. Heerlijk was dat! Toen weer verder naar de diverse evacuatie adressen. Mijn vader en ik kwamen bij een bakker terecht die vreemd opkeek dat wij, op dat uur, nog kwamen. Op een zolder, ijzig koud kreeg ik een kermisbed, gelukkig viel ik spoedig in slaap. Dezelfde avond was het oudejaar, met koek en wijn, maar geen oliebollen! Na een week werden wij overgeplaatst naar het huis van een strokartonfabrikant, langs de vaart, waar wij ieder een eigen kamer kregen. Ons huis in Zandvoort werd verzegeld toen wij weggingen. Later hebben wij nooit meer iets teruggevonden van ons meubilair en andere eigendommen. Na drie maanden Oude-Pekela vond mijn vader een huis in de Achterhoek, waar wij prettig hebben gewoond.

Mevr. S. Desmet