Uit de Klink van 1993 - 18 augustus 1943, een fatale dag.
 
In de vijf, toch al donkere bezettingsjaren zijn een aantal dagen geweest die voor Zandvoort met recht als "zwarte dag" aangemerkt kunnen worden. Eén van die dagen was 18 augustus 1943. De Duitsers hadden opdracht gegeven om aan strand gespoelde en door hen gedemonteerde projectielen op te halen. Ambtenaren van de dienst van Publieke Werken werden daarmee belast samen met de voerman Piet Schelvis. Met een platte wagen op autobanden vertrok men naar het strand, vergezeld door Duitse grenspolitie en een detachement Brits Indiërs, ex krijgsgevangenen die bij het Duitse leger waren ingedeeld en in Zandvoort gelegerd waren.
 
Aangespoelde vliegtuigbom
Op het strand werden de onschadelijk gemaakte projectielen op de wagen geladen, doch op de terugweg vond men langs de vloedlijn, een grote aangespoelde vliegtuigbom. Hoewel deze niet gedemonteerd was, beslisten de Duitsers dat de bom toch meegenomen moest worden. Alles vastgesjord met touwen keerde de wagen, met ervoor twee paarden van Bank Schelvis, hotsend en stotend terug. Beneden aan de Strandwcg was deze afgesloten met een twee meter dikke betonnen muur waarin aan de noordzijde een nauwe doorgang was gelaten. De wagen kon er net door, maar aan de landzijde was de weg onderstoven met zand, toen de zwaar beladen wagen net de doorgang gepasseerd was liep deze vast. De Brits Indiërs en enkele Zandvoorters moesten de wagen duwen terwijl de paarden trokken. Daarbij kwam de wagen scheef te staan, de vracht ging schuiven en de bom raakte los, schoof onder de wagen en ontplofte.
 
Slagveld
De gevolgen waren verschrikkelijk. De voorheen zo vredige Strandweg was in een slagveld veranderd. Dr. van Fraassen was die dag op zieken bezoek in Heemstede. Dr. Gerke en dhr. A. Loos waren echter wel in de buurt en verleenden de eerste hulp. Jan Keur en Chris Visser waren op slag gedood, Engel Keesman en Piet Schelvis werden ernstig gewond. Eén Duitser eveneens op slag gedood en een ander overleed in het ziekenhuis. Bij de muur lagen acht Brits Indiërs over elkaar, ook zij hadden het leven verloren, verscheidene anderen overleden later.De twee paarden van Bank Schelvis moesten ter plekke afgemaakt worden. Gewonden en doden werden voorlopig naar "Ons Huis" vervoerd en vandaar per ambulance naar Haarlemse ziekenhuizen. Daar men echter ambulances tekort kwam werd het expeditie bedrijf van Piet Kerkman ingeschakeld, die met zijn beide vrachtwagens ook slachtoffers wegbracht. 18 augustus 1943 was een zon overgoten, maar "diep zwarte" dag.
 
Harry Opheikens