Geschreven door A.G.M. van der Oord-Wisker   
vrijdag, 10 april 2009 20:52

Anker in visnet
Voor het dagelijks brood waren in juni 1863 zes vissers met de "VISCHERSPINK VROUW SOPHIA " de Noordzee opgevaren. De zes vissers, Arend Paap 26 jaar, Jan Zwemmer 51 jaar en zijn zoon Jacob 22 jaar, Leendert Schuiten 30 jaar en Klaas Molenaar Florisz. 54 jaar, allen uit Zandvoort en de 19 jarige Jakob Visscher uit Egmond Zee waren ongeveer op drie km met hun schuitje vanaf het Noord-Hollandse strand, met een diepte van 10 vadem water, toen zij meenden netten vol met vis te hebben. Groot was de teleurstelling toen de netten zwaar beschadigd boven water kwamen. Lang hoefden zij niet naar de oorzaak te zoeken, er was een vreemd anker in hun netten verward geraakt. Zonder vis, met kapotte netten maar een anker rijker, voeren de zes huiswaarts.

Arglistig toegeëigend...
De volgende dag bracht Arie Zwemmer, op verzoek van de vissers en voor ƒ3,- vervoerloon, het anker naar Gerrit Veen in Haarlem die er ƒ 25.- voor betaalde. Na aftrek van het vervoerloon werd de rest onder de zes vissers gedeeld. Maar dit was niet het einde van de narigheid. De zes moesten verschijnen voor de Arrondissementsrechtbank van Haarlem, omdat zij zich "arglistig een scheepsanker zouden hebben toegeëigend". Voor ieder van hen werd een dag gevangenisstraf geëist.

Vrijspraak
Daar waren de zes het absoluut niet mee eens en zij verdedigden zich als volgt. Het anker werd, toen zij in Zandvoort aangekomen waren, overgeladen op de kar van de voerman Arie Zwemmer. Daar heeft het anker, open en bloot tot de volgende morgen, op de kar voor de woning van Arie gestaan. Daarna werd het nog steeds open en bloot naar Haarlem gereden en verkocht aan Gerrit Veen voor Fl.25,- Omdat nu bleek dat ieder van hen ter goeder trouw was, dus niet arglistig, volgde er VRIJSPRAAK.

A.G.M. van der Oord-Wisker