Door de oorlogsherstelbetalingen, die Duitsland na de Tweede Wereldoorlog aan Nederland moest doen,  kwam er een chemische fabriek naar Haarlem met grote reactoren waarmee men organische verbindingen ging maken zoals paradichloorbenzeen waarmee mottenballen en WC-blocks gemaakt werden. 

Organische pigmenten
Daar er ook andere producten mee gemaakt konden worden werden een paar Duitse chemici aangetrokken. Eén was een specialist in het maken van nitroverbindingen en een ander in de productie van organische pigmenten. Dit leidde er toe dat men op zoek ging naar een locatie waar deze pigmenten zou kunnen worden geproduceerd. Er bleek in Zandvoort al iets dergelijks te bestaan en dat werd overgenomen en kreeg de naam “Colora.” 

    Colora Zandvoort

                 De Colora-fabriek in Zandvoort-Noord aan de Noorderduinweg

Op de foto van deze week, die wij per e-mail door de heer Rienstra uit Apeldoorn toegestuurd kregen, ziet u de voorkant van dit fabriekje dat aan de Noorderduinweg heeft gestaan naast de huidige Corodex. De Colora was een fabriek van teerkleurstoffen en had productie gedurende de periode 1950 – 1957.

    Colora Zandvoort

                  Fabrieks-opstellingen van de machine's van Colora aan de Noorderduinweg

Radicaal Insecten Dodende Straal
Alles begon dus in Haarlem bij de toenmalige Chemische Industrie RIDS, Radicaal Insecten Dodende Straal. Daar was in 1949 op laboratoriumschaal inmiddels al een en ander voorbereid en met die gegevens ging men in Zandvoort aan de slag. Er werden stenen kuipen in de grond gegraven en zuurvast betegeld met een inhoud van ca. 6000 liter en er werd een bordes gebouwd waarin een aantal houten kuipen kwamen te hangen. Daar bepaalde reacties gekoeld moesten worden kwam er ook een grote ijskast. 

    Colora Zandvoort

            Achterkant van het Colora-fabriekje met op de voorgrond de waterkelder

Omdat het water in Zandvoort te hard was werd er ook een installatie gebouwd om water te ontkalken waarna het werd opgeslagen. Dit gebeurde in een grote opslagkelder buiten het gebouw met een inhoud van ca. 100.000 liter. Verder werden er filterpersen geplaatst om de pigmenten van het water te scheiden en kwamen er onder vacuüm werkende droogkasten om de pigmenten bij relatief lage temperatuur te kunnen drogen. Daarna werd het gedroogde pigment gemalen en verpakt en geleverd aan de drukinkt- en verfindustrie, en dat niet alleen in Nederland.

    Colora Zandvoort

                    Afvul-installatie van de pigmentstof van Colora

Springstoffenfabriek in Ossendrecht
Naast dat de RIDS de Colora startte werd er in Ossendrecht een complete nieuwe fabriek gebouwd om springstoffen te produceren. Ondanks dit alles kon deze totale industrie toch niet overleven en uiteindelijk ging het in 1957 ter ziele. We hebben nog geen foto van het personeel gevonden maar wel weten we dat de volgende personen er werkzaam waren: De directie werd gevoerd door de Gebr. Obermann, de Procuratiehouder was Hr. Dusseau, de boekhouder was Hr. Feenstra, de bedrijfsleider was Hr. Schulze – Hergel, de bedrijfsassistent was Hr. Rienstra en de laboranten waren de heren Rienstra en Jonquiere. Verder was er een stoker voor de bedrijfsketels, dit was de heer Rudolphus en verder waren er nog een aantal fabrieksmedewerkers, de heren Visser en Lammers. Laatstgenoemde is de vader van Jan Lammers de autoracer en hij maakte in zijn vrije tijd een model van het interieur van de fabriek van papier. 

Platenfabriekje van Polygram
Nadat de Colora verdween heeft er nog enige tijd een platenfabriek van Polygram in gezeten. Als kind speelde ik altijd op het braakliggende stukje land met de modderkommen. Daar loosde de Corodex toen zijn koelwater wat tot gevolg had dat in de winter de kikkervisjes vrolijk rondzwommen in de nooit bevroren modderkommen. Toen de eerste flat aan de Flemingstraat werd gebouwd en men een kuil voor de fundering ging graven, kwamen er duizenden singletjes naar boven. Op een oude pick-up, zo eentje waar ook nog 16 en 78 toeren opzat, hebben we nog heel wat lol beleeft door die singles daarop af te spelen wat natuurlijk tot een vreselijk gekraak en gekrijs leidde, want er was niet één singletje meer plat en de naald danste over de plaat. Van de platenfabriek periode hebben we nagenoeg geen enkele informatie. Ongetwijfeld hebben er Zandvoorters bij deze platenfabriek gewerkt en we zouden graag verhalen hierover vernemen.

 

Cor Draijer

Dit artikel is verschenen op 3 maart 2004 in het weekblad "De Zandvoorter"
        
 (Foto: Archief GOZ, Jan Rienstra, Apeldoorn)